Gewijzigde Warmtewet

Ketel

De door minister Kamp gewijzigde Warmtewet is op 22 mei 2017 aangeboden aan de Tweede Kamer.

Verenigingen van eigenaars

Allereerst wordt met deze wetswijziging de levering van warmte uitgezonderd door een leverancier die tevens de vereniging van eigenaars is waarbij de verbruiker als lid is aangesloten.
Leden van verenigingen van eigenaars zijn in deze situatie niet aan te merken als de gebonden verbruikers die de wet beoogt te beschermen. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan een appartementencomplex dat een gasgestookte ketel in de kelder van het gebouw heeft staan waarmee warmte wordt opgewekt die vervolgens geleverd wordt aan de bewoners van het gebouw.
Deze installatie is eigendom van en wordt beheerd door de vereniging van eigenaars die actief is in het gebouw. Maar er kan tevens worden gedacht aan een appartementencomplex dat wordt verwarmd door middels van stadsverwarming waarbij de vereniging van eigenaars warmte afneemt van de (externe) stadsverwarmingsleverancier en deze vervolgens levert aan haar leden.

In beide gevallen hebben de bewoners (kleinverbruikers), als lid van de vereniging van eigenaars, op grond van de regelgeving omtrent verenigingen van eigenaars in het Burgerlijk Wetboek (Boek 5, Titel 9, Afdeling 2, van het BW), inspraak in beslissingen over de wijze waarop het gebouw verwarmd wordt en de voorwaarden waaronder dat gebeurt, waaronder de kosten die daarvoor in rekening worden gebracht.

Door de Warmtewet worden deze kleinverbruikers onnodig beschermd, omdat zij worden beschermd tegen zichzelf.
Om deze reden worden verenigingen van eigenaars met deze wetswijziging als warmteleveranciers uitgezonderd van de reikwijdte van de Warmtewet.

Tweede Kamer, vergaderjaar 2016–2017, 34 723,

Rubriek: 
  • Onderhoud & techniek
  • Energiebeheer